Abjater die so lagte

Wilma Stockenström vert. door Rob van der Veer

Nederlands

Manuzio

2018

Een blank meisje in Zuid Afrika moet al jong als bediende gaan werken. Ze is niet alleen arm en onaanzienlijk, maar heeft ook ‘een stem als een ezel’. Eerst zorgt ze voor kinderen van rijke blanken, later zijn het vooral ouderen die ze tot hun levenseinde verzorgt. Dan wordt ze bij het sterfbed van Abjater geroepen. Toen ze beiden kinderen waren, had ze bewondering voor zijn hartelijke lach, die haar schoolleven dragelijk maakte. Bij de confrontatie met zijn naderende sterven probeert ze met haar ezelsstem de angst weg te zingen, en dan barst Abjater opnieuw in lachen uit – en blijft erin.

Stockenstrom