Bibliotheek

Engelstalige schrijfster geeft aangrijpend beeld van een echt Afrikaanse wereld

28 januari 2021
Auteur: Ingrid Glorie
Foto:

Delen:

In Een schildpad huilt maar één traan schetst Carol Campbell een beeld van de verdwijnende leefwijze van het zogenaamde ‘karretjesvolk’, ‘de onzichtbare mensen van de Karoo’.

Carol Campbell komt uit Durban in de overwegend Engelstalige provincie KwaZulu-Natal en werkte 24 jaar als journalist voor Engelstalige kranten en tijdschriften. Aan het begin van de eeuw bracht Campbell met haar gezin echter twaalf jaar door in Prins Albert aan de voet van de Swartbergpas en daarna in Oudtshoorn in de Kleine Karoo. In 2012 keerde het gezin terug naar Durban, en in 2017 verhuisden de Campbells naar de Schotse Shetlandeilanden.

Campbell heeft tot nu toe drie romans gepubliceerd: My Children Have Faces (2013), Esther’s House (2015) en The Tortoise Cried Its Only Tear (2019). Alle drie zijn geïnspireerd op Campbells waarnemingen in die twaalf jaar die ze aan de rand van de uitgestrekte, dorre Karoo doorbracht. Haar personages zijn een afspiegeling van de mensen die ze daar ontmoette, bijvoorbeeld op de boerderij waar ze woonde en rond het tankstation dat zij en haar man in Prince Albert hadden.

De Karoo is van oudsher overwegend Afrikaanstalig. Hoewel Campbell genoeg Afrikaans kende om met de lokale bevolking te praten, durfde ze het niet aan om in het Afrikaans over het leven daar te schrijven. Daarom vroeg uitgeverij Umuzi (een imprint van Penguin SA) de Afrikaanse schrijver en journalist Kirby van der Merwe (Klapperhaar slaap nie stil nie, 1999) om Campbells werk te vertalen. Van der Merwe kende de manier van spreken van de inwoners van de Karoo; hij kon recht doen aan het taaleigen van deze gemeenschap. Zodoende verschenen Campbells romans tegelijk met de Engelstalige uitgave ook in het Afrikaans: Karretjiemense (2013), ’n Huis vir Esther (2015) en Die skilpad se laaste traan (2019). Vooral de Afrikaanse lezers lieten regelmatig weten dat Campbells verhalen hen diep hadden geraakt.

The Tortoise Cried its Only Tear is nu ook in Nederlandse vertaling verschenen: Een schildpad huilt maar één traan. Deze coming of age-roman beschrijft de volwassenwording van het meisje Siena. Siena is de dochter van zogenaamde ‘karretjiemense’. Deze veehoeders en landarbeiders trekken rond op ezelwagentjes, op zoek naar tijdelijk werk. ’s Nachts slapen ze langs de weg, onder hun ‘kar’. Ze zijn, zoals zanger David Kramer ze noemde, ‘die onsigbare mense van die Karoo’. ‘Wij stammen af van de eerste bewoners van dit land’, vertelt Siena’s vader. ‘Wij waren hier toen de springbokken de vlakten doorkruisten, samen met enorme kudden gemsbokken en elandantilopen, en er waren geen grenzen of dorpen.’ Siena’s speelkameraadjes Boetie en Krekel hebben ook banden met het karretjesvolk, hoewel hun families al meer gevestigd zijn en ze hun gevoel van identiteit grotendeels zijn verloren.

Een schaduwbestaan

Zo’n nomadisch bestaan klinkt romantisch. Maar in deze moderne tijd wordt het voor de karretjesmensen steeds moeilijker hun traditionele leefwijze vol te houden. Als er problemen ontstaan op de boerderij waar hun ouders werken, wordt Siena ondergebracht in het internaat van basisschool Seekoegat, ‘een schooltje in het veld van de Karoo, ergens langs de asfaltweg naar Beaufort West’. Hier leert Siena lezen, schrijven en rekenen; deze plek wordt haar redding. Maar Boetie belandt op straat, waar hij ten prooi valt aan drank en drugs.

Karretjesmensen hebben geen vaste verblijfplaats en ze staan nergens geregistreerd. Laten ze hun traditionele leefwijze los, dan belanden ze dikwijls in een schaduwwereld waar andere regels gelden. Hier lijden ze een bitter bestaan, getekend door armoede, tuberculose en aids, verslaving aan alcohol en tik, prostitutie, en geweld tegen vrouwen en kinderen.

Maar in de cultuur van de laatste traditionele karretjesmensen werkt de verbondenheid met de natuur van de oude San nog door. Siena is ervan overtuigd dat alle ellende was begonnen toen Boetie een grote schildpad had gedood. Volgens Siena’s vader is een schildpad ‘een van de wijze oude mannen van de Karoo die alles heeft gezien, vanaf het begin van de wereld’. ‘Een schildpad huilt maar één traan, Sienaatje’, zegt hij, ‘en dat is wanneer hij doodgaat. Voor die traan wil ik niet verantwoordelijk zijn. […] Als je een schildpad eet, raakt alles wat we weten voor altijd vergeten.’

Deernis en hoop

Een schildpad huilt maar één traan begint spannend, met een scène waar Siena, overdekt met bloed, de weg af holt. Er is een moord gepleegd. Wie is er dood? En als Siena de dader is, hoe zal het dan met haar verder gaan? Vervolgens worden in korte hoofdstukken, waarin afwisselend Siena, Boetie en Krekel de hoofdpersoon is, de voorgeschiedenis uit de doeken gedaan.

De vertaling, gebaseerd op de Engelse tekst van Carol Campbell, is keurig verzorgd door Rob van der Veer. De stijl is neutraal; de personages spreken geen dialect. En dat is een verstandige keuze. De Afrikaanse vertaler Kirby van der Merwe heeft in een radio-interview verteld dat Campbell niet geprobeerd heeft om in de Engelse tekst een soort streektaal na te bootsen. En volgens Van der Merwe kent de Karoo ook niet één specifieke variant van het Afrikaans; hoe iemand spreekt, verschilt onder meer per generatie. Om in de vertaling te kiezen voor één specifiek Nederlands dialect zou aanmatigend zijn. Daarbij is het altijd problematisch om het ene dialect met een ander dialect te vervangen. Of je nou het Limburgs of het Twents kiest: een Nederlandse streektaal roept een sociaaleconomische werkelijkheid op die totaal niet overeenkomt met de realiteit van, in dit geval, de karretjesmensen uit de Karoo.

Een schildpad huilt maar één traan vertelt het verhaal eenvoudig, in klare lijnen. De situaties die beschreven worden zijn rauw en soms heftig, maar de schrijfster weet te veel sentimentaliteit redelijk uit de weg te gaan. De algehele toon is er een van deernis, en aan het einde toch ook vooruitgang en hoop.

Carol Campbell, Een schildpad huilt maar één traan. Vertaald door Rob van der Veer. Utrecht: Mozaïek, 2020. ISBN: 9789023959465. 240 p., € 18,99.

Meer nieuws

6 juli 2022, Cultuur
Sabelo Mlangeni en Lindokuhle Sobekwa in het Huis van Marseille
Deze zomer in Amsterdam? Vanaf heden tot en met 4 augustus zijn er twee exposities te bezichtigen van de Zuid-Afrikaanse kunstenaars Sabelo Mlangeni en Lindokuhle Sobekwa, in het Huis van Marseille.
6 juli 2022, Actueel
De Week van het Nederlands
Van 1 tot en met 8 oktober 2022 is het zover: de achtste editie van de Week van het Nederlands.
6 juli 2022, Actueel
#COCREATESANL
Vorige maand vond #cocreateIDENTITY Experience plaats in Kaapstad, georganiseerd door de Nederlandse Ambassade en de Nederlands consulaat-generaal in Zuid-Afrika, samen met Zuid-Afrikaanse partners.

Bezoekadres

Keizersgracht 141-C
1015 CK Amsterdam
+31(0)20-6249318

Openingstijden

Vragen en afspraken

Neem contact op

Volg ons