Recensie

Common Ground, de gedeelde erfenis van gescheiden werelden

20 november 2021
Auteur: Geoffrey Haider-Badenhorst
Foto: Common Ground

Delen:

Nergens is de schreeuw om landherverdeling zo luid als in Zuid-Afrika. Weinig geschiedenissen kenden zoveel verdeeldheid als deze. De titel Common Ground schept dan ook verwachtingen.

Het boek is een vervolg op Eclectic ZA Wilhelmiens, a shared Dutch built heritage in South Africa uit 2014 waarin de Nederlandse invloed op de architectuur van de Afrikaner Republieken aan bod kwam. Ditmaal duiken de schrijvers in de periode vanaf 1902 tot 1961. Er is al veel over de Brits-Zuid-Afrikaanse architectuur uit deze periode bekend. Common Ground moet het ontbrekende puzzelstukje over de Nederlandse invloeden invullen.

Nederlands-Zuid-Afrikaanse architecten lieten een scala aan gebouwtypen in Zuid-Afrika na. Zij ontwierpen onder andere kerken, bankgebouwen, industriecomplexen, woonhuizen, scholen, stadhuizen, zwembaden, monumenten en townships. Vijftien stedenbouwers, architecten, academici en erfgoeddeskundigen met Zuid-Afrikaanse en Nederlandse banden beschreven de gebouwde nalatenschap van meer dan 70 Nederlandse emigrant-architecten in Zuid-Afrika. Het onderliggende onderzoek werd geïnitieerd door de Universiteit van Pretoria, is uitgevoerd met steun van de Ambassade van Nederland in Zuid-Afrika, de South-African Heritage Resources Agency, de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed en DutchCulture en onlangs gepresenteerd vanuit het Zuid-Afrikahuis. 

De nieuwe inzichten uit Common Ground moeten helpen om de toekomst van de gebouwen te verzekeren. Dit erfgoed is echter beladen omdat het verbonden is aan de apartheidsperiode. De schrijvers zijn verdeeld over haar rol hierin. Enerzijds krijgt het de term ‘gedeeld erfgoed’ mee. Anderzijds heet het ‘koloniaal’. In dit spectrum proberen de auteurs de bouwwerken en geschiedenissen een plek te geven. Het resultaat is een bundel van essays van wisselende kwaliteit en relevantie. 

Het beschrijven van Nederlands–Zuid-Afrikaanse architectuuruitwisselingen is complex. In de behandelde periode werden wereldwijd dezelfde materialen, technieken en architectuurstijlen toegepast. Architecten ontwierpen ook nog eens tegelijkertijd in verschillende bouwstijlen. 

Cultuuruitwisseling was een diffuus proces. Ook de identiteiten van immigranten veranderden. Nederlandse architecten in Zuid-Afrika gebruikten behalve Nederlandse inspiratiebronnen ook internationale voorbeelden. Daarnaast lezen we dat een deel van hen intercontinentale carrières had.Het beschrijven van Nederlands-Zuid-Afrikaanse uitwisselingen buiten hun grotere, sterk verweven context voelt daarom wat geforceerd. De voorgestelde Nederlandse inspiratiebronnen voor hun ontwerpen zijn niet altijd even overtuigend en vaak een herhaling van dezelfde gebouwen. Desalniettemin geeft het boek een aantal inspirerende voorbeelden van Zuid-Afrikaanse gebouwen met duidelijk Nederlandse invloeden.

Politieke machthebbers verwierven zichtbaarheid en prestige door architectuur. Machtswisselingen droegen zo extra bij aan de diversiteit van de gebouwde omgeving. In 1902 werd Zuid-Afrika Brits. Vanaf 1948 nam de Afrikaner apartheidsregering de macht over. Ieder bewind had zijn eigen agenda en bouwopgaven. 

De eerste hoofdstukken geven een duidelijk overzicht van de politieke ontwikkelingen en bouwprojecten in Nederland. Eenzelfde omschrijving voor de Zuid-Afrikaanse context was erg bruikbaar geweest. Dit zou het unieke karakter van de Nederlands-Zuid-Afrikaanse architectuur beter hebben kunnen duiden. Het had kunnen aantonen waarin de Nederlands-Zuid-Afrikaanse gebouwen wezenlijk anders waren dan de Brits-Zuid-Afrikaanse. Nog belangrijker dan dat: we zouden de cultuur-historische waarde van de gebouwen beter kunnen begrijpen. 

Zuid-Afrika kan niet in één architectuurgeschiedenis beschreven worden. Common Ground focust op hoogtepunten in een land met sterke tegenstellingen. De Nederlands-Zuid-Afrikaanse gebouwde erfenis is over heel Zuid-Afrika verspreid. Na uitgebreide beschrijvingen van luxe bankgebouwen, elegante kerken en comfortabele villa’s voor witte opdrachtgevers zorgt het hoofdstuk over Modeltownship Atteridgeville voor het benodigde contrast. Het project was een prototype dat vaker toegepast moest worden. Het toont hoe gecalculeerd het politieke systeem van rassenscheiding was. Bruin en zwart werden naar een woning van minimale afmetingen in monotone wijken met gebrekkige voorzieningen uitgeplaatst. 

Dit hoofdstuk slaagt er het beste in de effecten van de machts- en kansenongelijkheid van het apartheidssysteem in de gebouwde omgeving inzichtelijk te maken. Elders was ruimte voor verbetering. Door het benoemen van de oorspronkelijke bewoners van gebieden die door de witte overheden en individuen bebouwd werden kon het onrecht uit het verleden erkend worden.

Het naar land en culturele groep beschrijven van ‘Afrika’-invloeden die witte architecten in hun gebouwen toepasten had de complexiteit van het continent en haar vele culturen aan het licht kunnen brengen. Het gebruik van hun religieuze symbolen als architectonische ornamenten in seculiere gebouwen kon dan niet meer als toenadering naar hun culturen gezien worden, maar als een toe-eigening ervan beschreven worden. Deze aanpak had een handreiking naar het huidige Zuid-Afrika kunnen zijn. 

De Nederlands-Zuid-Afrikaanse gebouwen lijken vooral te danken aan het harde werk, de expertise en de ‘struggle’ van de Nederlandse immigrant. Het slotwoord pakt een deel van Zuid-Afrika’s autonomie terug. Voor het eerst zien we de term ‘koloniaal’ aan de gebouwen verbonden worden. Zij die niet meedeelden kregen het opgedrongen.  

De titel Common Ground voelde als een belofte van toenadering, de nadruk op uitwisselingen veronderstelde een gelijkwaardigheid. Veel van Zuid-Afrika’s huidige huisvestings- en energieproblemen komen voort uit de beschreven periode. Zolang deze ongelijkheden niet zijn opgelost zullen deze gebouwen met deze geschiedenis belast zijn. Het boek leert ons dat de bijdragen van deze gebouwen aan het creëren hiervan niet uniform zijn en de beoordeling ervan nuance vereist. 

De beschreven uitwisselingen bestaan vooral uit invloeden vanuit Nederland naar Zuid-Afrika, los van andere contexten, alsof zij een wereld op zichzelf vormen. Het had de Nederlands-Zuid-Afrikaanse nalatenschap geholpen als er minder vaak in de achteruitkijkspiegel en wat vaker naar het volle perspectief van de voorruit gekeken was. Haar verhaal is ingewikkeld en zal blijven worden beschreven en herschreven. Deze publicatie helpt ons haar historische context beter te begrijpen. Haar toekomstige waarden zijn veranderlijk en onaf. Common ground biedt een rijk assortiment aan voorbeelden die een vruchtbare voedingsbodem kunnen zijn voor levendige discussies over de toekomst van deze gebouwen en hun positieve impact op de inwoners van Zuid-Afrika.

Nicholas J. Clarke, Roger C. Fisher, and Marieke C. Kuipers (editors), Common Ground : Dutch-South African Architectural Exchanges, 1902–1961. LM Publishers, Edam. ISBN: 9789460225338 (hardcover). 270 p., € 34,50


Geoffrey Haider-Badenhorst (Ir.) studeerde Architectuur aan de TU-Delft. In 2016 en 2017 werkte hij mee aan de Goede Hoop tentoonstelling in het Rijksmuseum over de Nederlands-Zuid-Afrikaanse geschiedenis vanaf 1600. Tot 2018 was hij eigenaar van Bureau Badenhorst voor bouwhistorisch onderzoek en restoratie. Sinds zijn verhuizing naar de Verenigde Staten werkt hij als zelfstandig onderzoeker van Jakarta’s historische architectuur en interieurs uit de VOC-periode.

Meer nieuws

13 juli 2022, Actueel
Antjie Krog wordt officier in de Belgische Kroonorde
De Belgische ambassadeur, Didier Vanderhasselt, reikte in de Kaap de titel Officier in de Kroonorde uit aan de Zuid-Afrikaanse auteur Antjie Krog.
8 juli 2022, Journalist in het Huis
Joernalis in die Huis: Hanlie Stadler
Voor het eerst in bijna drie jaar mogen we weer een journalist van het Zuid-Afrikaanse Media24 ontvangen op de Keizersgracht.
6 juli 2022, Cultuur
Sabelo Mlangeni en Lindokuhle Sobekwa in Huis Marseille
Deze zomer in Amsterdam? Vanaf heden tot en met 4 augustus zijn er twee exposities te bezichtigen van de Zuid-Afrikaanse kunstenaars Sabelo Mlangeni en Lindokuhle Sobekwa, in het Huis van Marseille.

Bezoekadres

Keizersgracht 141-C
1015 CK Amsterdam
+31(0)20-6249318

Openingstijden

Vragen en afspraken

Neem contact op

Volg ons